30 augustus 2024

Een nieuw schooljaar is begonnen. Groep 4 van vorig jaar met meester Sjoerd, is nu groep 5 met meester Klaas. Zowel de leerkracht als de klas ken ik van vorige jaren. Er zijn twee kinderen in de groep bijgekomen die zo op het eerste gezicht zich goed thuis voelen in deze klas.

Bij binnenkomst gaan de kinderen nadat zij een hand en een “Goedemorgen!” van meester Klaas kregen op hun plek zitten. Een aantal krijgt daarna pas mij in de gaten waarna ik hen ook goedemorgen wens en een hand geef. Een enkel kind pakt mij even beet.

Meester Klaas had mij de avond ervoor al bericht dat hij en Johanna, die ook een deel van de week voor deze groep staat, de komende twee weken veel aandacht besteden aan groepsvorming, aan vreedzaam met elkaar omgaan en aan leerklimaat zodat daarna er des te beter gewerkt en geleerd kan worden. Ik zag direct de noodzaak ervan. De klas was rumoerig, had slechts korte aandachtsbogen en reageerde tamelijk heftig op elkaars gedrag.

Ik kon wat vertellen over mijn zomervakantie, waarna wij met een grammaticaopdracht aan de slag gaan. De opdracht is dat de kinderen woorden die beginnen met str…, spr… of eindigen op …rst snel leren herkennen, goed uitspreken én ..mooi tussen de regels leren schrijven. Ik loop net als meester Klaas rond en help als dat nodig is met het herkennen van bij elkaar horende woorden. Ook vraag ik geregeld aan een kind om kleiner te schrijven, de woorden niet door de onderlijn te laten zaken en vooral ook langzaam en aandachtig te schrijven. Bij een enkel kind heeft dit mooi resultaat. (De kinderen schrijven nog met potlood en kunnen scheef of grof uitgevallen schrijfwerk eenvoudig uitgummen en opnieuw doen.)

Na een half uur stopt deze opdracht en gaan wij verder met getallen aan het werk. De kinderen maken deze dagen kennis met getallen met drie cijfers. Het gaat erom dat zij deze kunnen lezen en begrijpen wat ze betekenen zodat zij ze kunnen ordenen. Meester Klaas herhaalt vragend aan de klas nog even de volgorde: Honderden, Tientallen, Eenheden. Ik ga met drie kinderen die zwak zouden zijn in het herkennen, benoemen en ordenen van deze getallen buiten het lokaal de bijbehorende opdrachten doen. Ik maak gebruik van rastertjes van honderd blokjes en staafjes van tien blokjes. Hiermee beginnen wij te tellen.

Na een korte aanloop worden alle getallen die ik uitbeeld met de rasters en staafjes, goed benoemd. Vervolgens gaan de kinderen aan het werk in hun werkschrift en ik geef wanneer dat nodig blijkt aanwijzingen waarmee zij verder kunnen. De kinderen werken goed en begrijpen veel. Na een half uur worden wij teruggeroepen en is intussen de klas ook gestopt met dit werk om wat fruit te eten voorafgaand aan de morgenpauze. Op de gang heeft zich nog iets voorgedaan waarbij een kind van groep vier, onze buren, zich onprettig voelde door gedrag van iemand van deze groep 5. Klaas vertelt fel dat hij dit op geen enkele manier accepteert. De school moet voor iedereen een fijne en veilige plek blijven.

Tijdens de pauze maak ik kennis met een nieuwe juf van groep 3 en praten wij even over het leren van de kinderen in haar klas. Intussen reageren de jongens en meisjes van groep 5 heftig op elke gebeurtenis. Kleine incidenten roepen boosheid en lelijke woorden op. Een meisje krijgt een bal hard in haar gezicht. Een groepje voetballende jongens vertoont weinig saamhorigheid als team, maar roepen en tieren naar elkaar. Meester Klaas legt eerst het spel stil en praat met de kinderen. Als het kort daarna weer doorgaat, neemt hij de bal in beslag. Intussen zijn al twee kinderen voor afkoeling naar binnen geroepen door het schoolhoofd. Als zij zo’n tien minuten na de pauze weer de klas binnen komen moet meester Klaas deze twee weer tot de orde roepen en tot stilte manen.

Meester Klaas herinnert de klas eraan dat zij bij elkaar horen en dat het aan hen is de sfeer in de klas te verbeteren. Om dit te onderstrepen gaat de klas nu aan de gang met een invultekening: iedere kind krijgt een A4 waarop een puzzelstuk getekend staat. Iedereen gaat zijn/haar puzzelstuk invullen met de eigennaam en deze zo mooi mogelijk kleuren en versieren. Is het klaar dan knippen de kinderen het puzzelstuk uit en maken op de achterkant nog zo’n versierde naam. De puzzels komen op het raam te hangen aan de binnenkant van de klas en zijn zo ook van buiten de klas zichtbaar. De kinderen gaan enthousiast aan de slag, ik ga bij een tafelgroep zitten en doe ook mee. Zij vinden dat ik grote letters maak en ze mooi kleur. Ik help een meisje over een teleurstelling heen door de volgens haar mislukte naam te helpen versieren met andere kleuren waarna zij ineens weer lacht. Een jongen kan zijn energie kwijt door met drie stiften tegelijk stevig op zijn puzzel te krassen. Meester Klaas geeft heel diplomatiek daarna toch een paar hints om er nog wat van te maken.

De kinderen gaan hun tas met lunch halen en onder het eten vertoont meester Klaas de aflevering van het jeugdjournaal van gisteren.

Tijdens de lunch wordt het geheel met rumoer, met heen en weer lopen en met soms luide uitroepen weer groter. Meester Klaas grijpt in en legt nog eens ontstemd en duidelijk uit welk gedrag hij van de klas verwacht. Twee kinderen die blijven doorpraten en lachen moeten een tijdje bij de grote pauze binnen blijven.

Meester Klaas wijst voordat de kinderen naar buiten gaan nog eens op de noodzaak van een vreedzame pauze, niet naar een ander wijzen en alleen op je eigen gedrag letten, conflicten uitpraten en niemand uitsluiten.

In de pauze beseffen wij dat het werk in deze klas de komende weken niet makkelijk zal zijn.

6 september

Het is weer een warme dag. Bij binnenkomst op school komt meester Klaas direct naar mij toe om mij bij te praten over hoe het ging de afgelopen week. Moeizaam: de kinderen zijn veel met het gedrag van anderen bezig en rumoerig. Hij en de andere vaste leerkracht Johanna hebben besloten vanmorgen te beginnen met een oefening waarbij iedereen de opdracht krijgt: iemand te zoeken die iets verzamelt, die lid is van een club, iemand met dezelfde hobby, de betekenis van je naam, enz. Deze oefening is bedoeld om wat meer samenhang en eenheid (bij elkaar horen) in de klas te brengen.

In de klas geef ik ieder binnenkomend kind een hand. Hierbij krijgt een aantal van mij uitgelegd: de persoon die je een hand geeft kijk je aan. Enkele kinderen blijven de hele morgen contact zoveel mogelijk mijden. Tijdens dit spel luisteren de meeste kinderen slechts bij vlagen naar elkaar. ‘Geld’ is hetgeen het vaakst genoemd wordt als verzamelhobby. Meester Klaas roept deze als een bijenkorf drukke groep geregeld tot de orde, maant tot minder herrie en tot meer nieuwsgierige initiatieven naar anderen.

Eén kind blijkt in de loop van de morgen voortdurend boos te zijn op buurvrouw die te veel praat, te veel beweegt en te veel stoort in haar werk. “Ik kan niet werken zo.” Als betrokkene alleen mag zitten, werkt zij evenmin. Een ander kind wordt voor onbepaalde tijd naar een andere klas gestuurd waar hij stil moet zitten en niet kan werken. Hij baalt. Afsluitend worden een paar fraaie ontdekkingen genoemd; de naam van een jongen betekent “Prins”, een meisje zit op ballet en een ander verzamelt schelpen.

De volgende drie kwartier gaan wij rekenen: hogere plus- en minsommen met rijgen en aanvullen. Het op de juiste manier passeren van een tiental is belangrijk hierbij.

Terwijl meester Klaas uitleg geeft wordt er weinig geluisterd: sommige kinderen weten het al en anderen hebben geen aandacht.

Ik ga met dezelfde vier kinderen de sommen buiten de klas doen zodat zij zo nodig wat meer uitleg kunnen krijgen. Na 10 minuten stuur ik er een terug naar de klas, deze weigert ook maar iets te doen. Van de drie anderen werkt er een goed, vraagt uitleg en maakt de sommen. De andere twee maken één som en beginnen dan weer naar elkaar te kijken, of koekeloeren door de ramen vanuit hun stoel naar wat er in een andere klas gebeurt. Ik word het zat en vertel dat ik hen de volgende keer niet meer meeneem om afzonderlijk te werken. Terug in de klas heb ik een indringend gesprek met een kind dat vandaag niets wil en maak ik contact met twee jongens door met hen handje te drukken.

Even is alles gewoon, namelijk als de kinderen hun fruit halen vóór de pauze. Maar alras wordt het rumoeriger en schreeuwerig onder het eten van het fruit. Ook nu geeft meester Klaas uitleg over gewenste gedrag en corrigeert hij enkele kinderen. Ik heb de indruk dat de kinderen nauwelijks naar hem luisteren, misschien wel omdat zij de huisregels allang kennen maar andere redenen hebben om zich er niets van aan te trekken.

De pauze duurt lang en er wordt door de klas, ook door andere klassen bijna voorbeeldig gespeeld: iedereen komt aan bod, probleempjes worden opgelost en ieder is op zijn of haar manier bezig met anderen: tikkertje, voetbal, schommelen, enz. Terug in de klas vraagt meester Klaas hoe het komt dat het zo goed ging. “Iedereen mocht meedoen” en “Het was gewoon leuk!” Juf Johanna is nu ook in de klas en doet en stuurt mee met alles.

De klas gaat nu aan de gang met het geven van complimenten (“opstekers”) en het herkennen van jij-bakken (“afbrekers”). Meester Klaas haalt een groot papieren rood hart tevoorschijn en iedereen die een afbreker hoort mag de vinger opsteken en de afbreker benoemen en vervolgens een stuk van het hart afscheuren. De afbrekers worden onmiddellijk herkend en van het hart is na enkele minuten niets meer over.

Vervolgens wordt het omgedraaid: de kinderen worden bij een bijna zelfde verhaal op dezelfde momenten gevraagd een tip te geven of een opsteker. Ook deze weten zij volop te vinden, blijkens de vele onderbrekingen van het verhaal.

Het laatste half uur gaan de kinderen voor zichzelf stillezen. Ook hier zie ik dat een aantal kinderen meer bezig zijn met anderen dan met hun boek. Hun boeken variëren van een instructieboek voor kinderen voor atletiektrainingen, strips, boeken met verhalen en avonturen, tot de junior Bos Atlas. Ook nu zie ik onrust, gemakzucht en soms onvrede bij kinderen. Ik vermoed dat dit gevoelens zijn vooral naar klasgenoten, maar in feite een afspiegeling zijn van eigen vrees en onrust. Bij het begin van dit lezen is het tamelijk rustig maar na zo’n 20 minuten wordt het weer rumoeriger. Ik loop voortdurend rond, kijk naar wat men leest, stel een vraag over het boek en geef complimenten aan kinderen die door lezen.

Eén uit zichzelf zeer beweeglijk en rumoerig kind heeft de hele morgen goed gewerkt, voorbeeldig gespeeld in de pauze en stil gelezen. Hem geef ik aan het eind van de morgen hardop een dik compliment. Hij lacht.


4 reacties op “Logboek van een reken- en leesopa (24)”

  1. peterlourens Avatar
    peterlourens

    Mooi beschreven, Frank. Ik merk op dat je geleidelijk aan de nodige ervaring hebt opgebouwd met observeren en registreren. Veel succes met de groep in dit schooljaar.

  2.  Avatar
    Anoniem

    zo goeiedag! jij weet ook waar je aan begint . maar wel een mooie uitdaging ,ik ben heel erg benieuwd hoe het komend jaar loopt

    1.  Avatar
      Anoniem

      Dank voor je reactie! Ik ben ook zeer benieuwd hoe dit jaar gaat lopen.

Geef een reactie op Frank Koster Reactie annuleren