5 juli 2024

Nadat ik vorige week verhinderd was naar school te gaan is het vandaag alweer de laatste vrijdag van dit schooljaar. Bij binnenkomst mis ik drie kinderen, één ervan komt later binnen. Het kind dat enkele weken terug zijn broer verloor is er ook weer.

Tijdens de binnenloop hebben de kinderen de gelegenheid voor stil zichzelf te lezen. Een enkeling doet dat ook daadwerkelijk en sommige kinderen proberen het ten minste. Op het eind van de inloopperiode legt meester Sjoerd aan de klas uit waarom hij naar een andere school gaat: zijn partner werkt ook op een school in een andere regio en heeft bijgevolg een andere vakantieregeling. Zij missen elkaar voor vier weken per jaar.

De klas gaat sommen maken: automatiseren van plus- en minsommen benden de twintig. Er staan er tien op het digitale bord en deze worden snel veranderd en nog eens en dan geeft meester Sjoerd het signaal de sommen te maken. Na iets meer dan een halve minuut zegt hij: “Stop!”, laat de uitkomsten zien ende kinderen kijken eigen werk na.  Dan vraagt hij wie alles goed had en wie negen. Veel vingers gaan omhoog. Daarna nog eens, tien sommen en nog eens, maar dan met minsommen.

Daarna gaat de klas aan het werk met drie bladzijden rekenopgaven in hun rekenwerkboek. Eén specifiek soort som, de omkering van een keersom, legt meester Sjoerd eerst even uit aan de hand van twee lege tabellen.

      
      

Meester Sjoerd legt uit dit ofwel zes stapeltjes van twee zijn ofwel twee rijen van zes. Welke keersommen kun je hiervan maken?

          
          
          

Van deze tien stapeltjes van drie steentjes of drie rijen van tien steentjes, weet de klas dan snel ook de bij passende keersommen te maken.

De klas gaat aan het werk. Ik loop rond en geef her en der een aanwijzing of zeg dat zij nu echt moet beginnen. Al snel vragen twee kinderen aan mij of ze mogen samen werken, en dan volgen er rap nog drie duo’s met dezelfde vraag. Na verschillende werkbladen gezien te hebben zeg ik de gehele klas dat zij kleiner en langzamer moeten proberen te schrijven. Dan wordt het beter leesbaar en past het in het voorgedrukte vakje. En warempel: ik zie dat bij sommigen dit goed werkt.

Eén kind is snel met zijn werk klaar en bedenkt zelf de sommen van 320 + 320 en 540 + 540. Trots vertelt hij mij de (juiste) uitkomsten. Bij 1060 + 1060 komt hij uit op 2020. Nadat ik uitleg dat hij de som beter kan splitsen in twee optelsommen met daarna nog een optelling, komt hij er goed uit. Een ander kind kan vandaag niet schrijven, zijn hand is gekneusd. Deze geef ik geregeld hoofdrekensommen.

Vóór het fruit eten en de morgen pauze vergeet een kind de rekenspullen op te ruimen. Meester Sjoerd ziet het heeft twee handen op als een dirigent. Meteen begint de klas “slaap kindje slaap” te zingen. Het kind veert onmiddellijk op en ruimt als de wiedeweerga zijn spullen op.

In de pauze gebeurt er veel op het schoolplein, een paar incidenten, klein en groter. Eén kind daag ik uit de hoepel. Een ander krijgt een bal keihard tegen het hoofd.

Na de pauze gaan de kinderen nog een half uur verder met hun sommen. De verschillen tussen de kinderen zijn nu heel goed zichtbaar: vlot en goed, versus moeizaam en traag. Ook wat betreft werklust, “ijver”, zie ik grote verschillen.

Na een half uur, gaan wij verder met begrijpend lezen. Dit keer over de olympische Spelen in Parijs. Met vier kinderen ga ik buiten de klas de betreffende tekst doornemen en ne bepraten.  Voordat dat wij de tekst alinea voor alinea lezen en bespreken praten wij eerst over sporten, over de antieke spelen, over voetbal en atletiek, over de Paralympische Spelen en over Olympische winnaars. Geen van de kinderen kent de naam Sifan Hassan, wel Pieter van den Hoogenband – maar deze figureerde in het Klokhuisitem. Het voorlezen van een alinea wordt steeds beter.

Het laatste deel van de morgen is gevuld met individueel werken aan spellingsopdrachten op de laptop.  De juiste lidwoorden bij de zelfstandige naamwoorden. Rondlopend ziek ik dat de kinderen dit niet makkelijk vinden. Met aandacht werken is nu ook een probleem; er is weinig voor nodig om rumoer te ontketenen. Gelukkig maakt meester Sjoerd er een eind aan en kunnen de kinderen hun lunch pakken uit hun schooltas en is het eten geblazen.

Tot mijn verrassing haalt meester Sjoerd, terwijl de kinderen eten, mij voor de klas voor een woord van dank, een cadeautje en van elk kind krijg ik een bedankje in de vorm van een tekening met dankwoorden. Ik bedank de kinderen en heb voor meester Sjoerd een afscheidscadeautje: het boek van Milio van der Kamp, Misschien moet je iets lager mikken: een verhaal over armoede en kansenongelijkheid.

Met meester Klaas heb ik in de middagpauze een gesprek over volgend schooljaar. Voor mij begint vandaag de grote vakantie.


2 reacties op “Logboek van een reken- en leesopa (23)”

  1.  Avatar
    Anoniem

    tot volgend school jaar

  2. peterlourens Avatar
    peterlourens

    Geniet ook jij Frank van je welverdiende vakantie! Dank voor een boeiend jaar meelezen.

    Hartelijke groet van Peter

Geef een reactie op Anoniem Reactie annuleren